| Jaar van toetreding tot de EU | 2004 |
| Politiek systeem | Republiek |
| Hoofdstad | Tallinn |
| Oppervlakte | 45.000 km2 |
| Bevolking | 1,4 miljoen |
| Munteenheid | Estse kroon |
Overzicht
Estland, de meest noordelijke van de Baltische staten, werd in 1991 onafhankelijk van de Sovjet-Unie. Het is een grotendeels vlak land aan de oostkust van de Baltische Zee, met veel meren en eilanden. Een grootdeel van het land bestaat uit akkerland en bos.
De Estse taal is nauw verwant aan het Fins, maar lijkt niet op de talen die in de overige twee Baltische staten, Letland en Litouwen, worden gesproken. Ook is het niet verwant aan het Russisch. Ongeveer een kwart van de bevolking is van Russische afkomst.
De hoofdstad Tallinn is één van de best bewaarde middeleeuwse steden van Europa, en het toerisme is goed voor 15% van het Bruto Nationaal Product. De belangrijkste economische sectoren zijn techniek, voedingsmiddelen, metalen, chemicaliën en houtproducten.
De vele naties die het land in de loop van de geschiedenis hebben overheerst - Denemarken, Duitsland, Zweden, Polen en Russen - zijn allen van invloed geweest op de Estse keuken. Tot de traditionele gerechten behoren gemarineerde paling, bloedworst en zuurkoolstoofpot met varkensvlees.
Tot de beroemde Esten behoren de schrijver Jaan Kross, wiens werk is vertaald in 20 talen, de auteur van het nationale epos (Kalevipoeg) Friedrich Reinhold Kreutzwald, en de schrijver, filmmaker, diplomaat en politicus Lennart Meri.
Economie
Als nieuw lid van de Wereld Handels Organisatie en de Europese Unie, heeft Estland zich omgevormd tot een moderne markteconomie met nauwe banden met het Westen. Zo heeft het land zijn nationale munteenheid gekoppeld aan de euro.
De economie profiteert van de sterke elektronica- en telecommunicatiesectoren, en ondervindt veel invloed van ontwikkeling in Finland, Zweden en Duitsland, drie belangrijke handelspartners.
Hoewel het huidige handelstekort nog steeds hoog is, is de nationale begroting in balans en de overheidsschuld laag.